Meer
Publicatiedatum: 24-07-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Aanbiedingsbrief

Aanbiedingsbrief

Hierbij bieden wij u ter vaststelling de Voorjaarsnota 2020 aan. Deze Voorjaarsnota heeft een andere opzet dan gebruikelijk, omdat wij vanaf maart dit jaar overrompeld werden door de gevolgen van de Coronacrisis.

In onze gemeente zijn er inmiddels 53 mensen overleden aan het Covid-19. Wij worden er stil van en leven intens mee met de nabestaanden. Wij zullen hier in de raad vanavond bij stil staan.

Stilte was de laatste maanden ook veel te horen in de straten, op de pleinen en op het gemeentehuis. Evenementen werden afgelast, thuiswerken werd de norm en scholen en voorzieningen werden voor een periode gesloten. Voor ons als gemeente was en is het alle hens aan dek voor de handhaving van de noodverordening, het bijstaan van onze maatschappelijke partners, ondersteunen bij vragen van ondernemers en het continueren van onze werkzaamheden. Ook onze lokale democratie ondervond gevolgen en wij konden enige tijd niet met uw raad vergaderen. Gelukkig zijn er mogelijkheden gevonden om digitaal te vergaderen, en straks weer fysiek.

Binnen deze context hebben wij gekozen voor een compactere versie van de voorjaarsnota, waar wij u hebben over geïnformeerd in de collegebrief van week 15 (nr. 2020/35). Zo hebben wij beleidsinhoudelijke keuzes grotendeels doorgeschoven naar de Begroting 2021 en Najaarsnota 2020, waardoor in principe alleen onvermijdelijke voorstellen resteren. Ook de beleidsinhoudelijke verantwoording van de doelenboom, de indicatoren en de ontwikkelingen, komt later in het jaar terug. Wel laten wij per programma zien wat de impact van de Coronacrisis is.

De financiële impact van de Coronacrisis is vaak nog niet verwerkt in de Voorjaarsnota, omdat deze nog niet zo goed duidelijk is. Enkele uitzonderingen zijn het verwerken van de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (TOZO) en kosten voor de inkoop van extra pagina’s bij de IJssel en Lekstreek. Ook stellen wij voor om extra budget voor de kosten van afvalinzameling beschikbaar te stellen, met name omdat grof vuil erg toegenomen is. Wij verwachten het extra grof vuil met dit budget weer binnen de afgesproken wachttijden te kunnen ophalen en verwerken. De komende tijd bekijken wij de impact op bijvoorbeeld de lokale belastingen (zoals marktgelden en logiesbelasting), het verhuur van vastgoed, de uitkeringen en de bijdragen aan verbonden partijen. Recent (28 mei 2020) kregen wij bovendien te horen dat er een akkoord is tussen de VNG en het Rijk over een eerste steunpakket (financiële compensatie) voor gemeenten. Wij komen in de Begroting 2021 en Najaarsnota 2020 terug op de financiële impact van de Coronacrisis.

Overzicht wijzigingsvoorstellen begroting
De grootste financiële wijzigingen in deze voorjaarsnota zijn:

  • Het verwerken van de verkoopopbrengst van Eneco van € 77,5 miljoen, en het verwijderen van het dividend van V 890 uit de meerjarenbegroting;
  • Het indexeren van 25% van de kredieten voor de openbare ruimte, wat noodzakelijk is gebleken vanwege de toegenomen aanneemsommen; totaal investeringskrediet van € 16,0 miljoen in 2020-2024, en € 41,1 miljoen als dit doorgetrokken wordt tot 2028;
  • Het verlagen van de begrote rente, enerzijds vanwege de Eneco-middelen en anderzijds vanwege lagere rentepercentages waar wij mee rekenen; tegelijkertijd het deels weer verhogen van de begrote rente vanwege de kasstroom-effecten uit deze voorjaarsnota (met name de kredieten openbare ruimte);
  • Het aanvragen van een krediet van € 2,1 miljoen voor de Vervoersknoop Rivium, inclusief € 0,4 miljoen incidentele lasten, waarbij het de verwachting is dat derde partijen bij gaan dragen en dat kosten verhaald kunnen worden op projectontwikkelaars;
  • Het aanvragen van kredieten van € 1,4 miljoen voor gemeentelijk vastgoed, onder andere voor de vervanging van kunstgrasvelden.


De Voorjaarsnota bevat vooral onvermijdelijke voorstellen, maar ook enkele beleidskeuzes die wij graag in willen brengen. Dit betreft de realisatie van de Huis van de Wijk en Huiskamer in Oostgaarde (programma 6a) en de uitvoering van het Koersdocument Florabuurt (programma 8). Ook de extra benodigde investering in het Schollebos willen wij niet uitstellen en deze staat dan ook in de Voorjaarsnota opgenomen (programma 5b).

In deze Voorjaarsnota 2020 treft u drie aanvragen aan inzake de ontwikkelingen op Rivium: een aanvraag voor personele lasten voor het project Rivium in programma 0, een aanvraag voor het project Vervoersknoop Rivium in programma 5 en een aanvraag voor voorbereidingskrediet voor het project Rivium voor 2020, inzake te verhalen plankosten, in programma 8.

Bij de Begroting 2021 of Najaarsnota 2020 zullen wij u (mogelijk) enkele voorstellen voorleggen zoals aframen dividend Stedin, CJG, GRJR, VRR en WMO-budget en komen we terug op onze wensen uit het coalitieakkoord “Met het oog op morgen” zijnde afschaffen hondenbelasting en kwaliteitsimpuls buitenruimte.

Eindstand Voorjaarsnota 2020
Na verwerking van alle mutaties komt de eindstand van de meerjarenbegroting uit op:

Begroting en meerjarenbegroting Doorkijk
2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028
Eindstand Najaarsnota 2019 V2.123 V6.232 V5.027 V2.857 N946 N2.601 N2.002 N1.215 N 0
Aangenomen amendement NJN 2019:
- Doe Mee Adviseur! V100 V100 V100
Beginstand Voorjaarsnota 2020 V2.223 V6.332 V5.127 V2.857 N946 N2.601 N2.002 N1.215 N1.215
Totaal voorstellen in de Voorjaarsnota V78.417 N2.327 N109 V2.279 V856
Doorkijk 2025-2028 V764 V443 N307 N792
Eindstand Voorjaarsnota 2020 V80.640 V4.005 V5.018 V5.136 N90 N1.837 N1.559 N 1.522 N2.007

De cursief weergegeven jaren zijn geen onderdeel van de meerjarenbegroting, maar betreffen een doorkijk voor de vier jaren na onze meerjarenbegroting. Zoals blijkt de tabel, is het jaar 2024 nog niet “sluitend”.

Financiële ratio’s
De Voorjaarsnota heeft ook effect op de financiële ratio's. De ontvangen Eneco-middelen hebben een dusdanig grote impact, dat wij deze apart inzichtelijk maken. We hebben namelijk een grote som geld ontvangen van € 77,5 miljoen, waardoor we voor de korte termijn geen externe financiering hoeven aan te trekken. Het eigen vermogen neemt in één keer toe en de geprognosticeerde schuldquote daalt.
Tegelijkertijd zien we de komende jaren nog elk jaar een financieringsbehoefte, waardoor de schuldquote weer gaat stijgen en de solvabiliteit gaat dalen. Ten opzichte van de Najaarsnota 2019 ontwikkelen deze trends zich negatiever, wat veroorzaakt wordt door omvangrijke mutaties in deze Voorjaarsnota, zoals de noodzakelijke 25% indexatie van kredieten in de openbare ruimte. De verwachting is dan ook dat de hoeveelheid langlopende schulden toe zal nemen.

In de onderstaande tabellen is de ontwikkeling van de ratio's weergegeven. In het hoofdstuk Financieel perspectief is verder toelichting gegeven op de betekenis van de ratio's.

Grafiek van de netto schuldquote

Grafiek van de solvabiliteit

Het EMU-saldo benadert goed de mutatie in de geldmiddelen. Deze ontwikkelt zich als volgt:

Grafiek van het EMU-saldo

De Debt Service Coverage Ratio (DSCR) geeft een beeld van de plek die rente en afschrijvingen innemen in de begroting. In de Raadswerkgroep Structurele Investeringsruimte is gesproken over het meer in lijn brengen van de looptijd van langlopende leningen met de gemiddelde afschrijvingstermijn van onze investeringen. Voor toekomstige leningen rekenen we met 25 jaar in plaats van 10 jaar lineair lossend. Met deze aanpassing naar 25 jaar sluit de looptijd van de leningen en de rente beter aan op de gemiddelde afschrijvingsduur van investeringen. Bij de Najaarsnota 2019 kwam deze lager uit.

Grafiek van de Debt Service Coverage Ratio

Advies raadwerkgroep Structurele Investeringsruimte (SIR)
In april en mei 2020 heeft de raadswerkgroep SIR een aantal bijeenkomsten gehad. Hieronder geven wij aan hoe wij hiermee om zijn gegaan.

Nummer Advies werkgroep Hoe verwerkt in Voorjaarsnota 2020?
1 Blijf de meerjarige doorrekening van de verschillende ratio’s, indicatoren en kengetallen presenteren in P&C-documenten Hier is aan voldaan
2 Blijf in de meerjarige doorrekening binnen de neutrale categorie van onze toezichthouder voor wat betreft de netto schuldquote (< 130%) en de solvabiliteit (> 20%) Hier is aan voldaan
3 Blijf voldoen aan de wettelijke regelgeving vanuit de wet HOF indien hier wijzigingen op ontstaan en kom/blijf voor de periode 2024 tot en met 2027 gemiddeld binnen de referentiewaarde voor het EMU-saldo en straat naar een waarde van minimaal € 0 EMU-saldo vanaf 2027 Hier is niet aan voldaan. Gemiddelde 2024-2027 is -/- 12.849. Referentiewaarde is -/- 8.202. Jaar 2027 is -/- 4.668.
4 Minimaliseer het aantal bestemmingsreserves, aangezien bestemmingsreserves weliswaar een dekkingsmiddel zijn, maar nadrukkelijk geen financieringsmiddel Uitgevoerd in Voorjaarsnota 2019
5 Blijf behoudend begroten; Zet daarbij financiële voordelen eerst en vooral in voor versterking van de balans en het terugdringen van de verwachte schuldenlast; Laat zichtbaar de afweging terugkomen over het mogelijk heroverwegen en/of temporiseren van eerder gemaakte keuzes in de P&C-cyclus; Zoek voor het rentepercentage voor de nieuwe langlopende leningen aansluiting bij de bovenkant van wat omliggende gemeenten als lange termijn rente hanteren; Handhaaf de soort “behoedzaamheidsreserve” voor de te ontvangen accressen in de Algemene uitkering; Verhoog de lasten voor de Capellenaar niet met meer dan de inflatie, zolang daar geen directe noodzaak voor is Rente: uitgevoerd in Najaarsnota en opnieuw in deze Voorjaarsnota 2020; Algemene uitkering: uitgevoerd in Najaarsnota 2019, door de raming voor het accres te zetten op het gemiddelde van 2,81% van de laatste 25 jaar en niet de accressen uit de circulaire te volgen.
6 Formuleer een procesvoorstel voor de actualisatie van de Kadernota Kerntakendiscussie 2010, zodat actualisatie nog dit jaar plaats kan vinden Volgt nog
7 Bepaal vanaf 2020 de norm voor de Debt Service Coverage Ratio (DSCR) op minimaal 1,0 Hier is aan voldaan
8 Begroot behoedzaam en behoudt vooralsnog de volledige Eneco opbrengst ter versterking van de balans en bepaal op een later moment of een gedeelte van deze opbrengsten incidenteel kan worden ingezet voor het realiseren van bestaande en/of nieuwe beleidswensen. Het bedrag dat minimaal behouden dient te blijven om het wegvallende dividend van structureel € 890.000 te kunnen opvangen bedraagt (tegen 2%) € 44,5 miljoen. Hier is aan voldaan
9 Geef bij elk P&C-document een expliciete toelichting op die resultaten (begrotingsresultaat en EMU-saldo) en ratio’s (netto schuldquote, solvabiliteit en DSCR) waar in enig jaar en/of structureel niet wordt voldaan aan de gestelde kaders. Geef daarbij aan op welke wijze er wel (weer) voldaan gaat worden aan deze kaders. Er is niet voldaan aan een positief begrotingsresultaat (jaar 2024) en het EMU-saldo in 2024-2028 (zie punt 3a en 3b). Wij bekijken de komende maanden, voor onze Begroting 2021, opnieuw alle ontwikkelingen op onze budgetten, zowel de lasten als de baten. Mogelijk laat bovendien de Meicirculaire 2020 gunstige cijfers zien voor het gemeentefonds. De voorgestelde keuzes leggen wij aan u voor in de ontwerpbegroting 2021 of eerder indien noodzakelijk. Voor de volledigheid merken wij ook op dat de stelpost "aanpassing accres voorzichtigheid" van de algemene uitkering is begroot, o.b.v. het meerjarige gemiddelde. Voor 2024 betreft dit een post van N 725. Dit is verwerkt in de Najaarsnota 2019 en hiermee is ook uitvoering gegeven aan de wens van de raadswerkgroep Structurele Investeringsruimte.

U kunt beleidsinhoudelijke en financieel-technische vragen stellen bij de afdeling Financiën.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Blijf gezond.

Hoogachtend,




Het college van burgemeester en wethouders van Capelle aan den IJssel